VCA versus VCU



PrintPrint

Veel bedrijven hebben medewerkers via uitzendbureaus in dienst. Hoe is het dan eigenlijk geregeld met VCA, voorlichting en PBM? Is het uitzendbureau daar verantwoordelijk voor of ligt die taak bij de inhurende partij?

Tijdens een VCA-audit viel mijn oog op de naam van een operationele medewerker die niet in vaste dienst was bij het bedrijf. Op mijn vraag of deze medewerker voorlichting, instructie en PBM gekregen had, kreeg ik het volgende antwoord: “Het is een uitzendkracht. En in dat geval regelt het uitzendbureau dat allemaal. Dat is voor ons bedrijf een reden om met uitzendkrachten in zee te gaan.”

Om te voorkomen dat er een welles/nietes-discussie ontstaat, heb ik de afkortingen-, definitie- en begrippenlijst uit de VGM-checklist Aannemers erbij gepakt. Daar staat het volgende:

Medewerkers zijn:
- Personeel in dienst van bedrijf voor bepaalde of onbepaalde tijd.
- Tijdelijke medewerkers: uitzendkrachten, gedetacheerden, stagiaires, jobstudenten, ...

Een uitzendkracht valt dus onder de verantwoordelijkheid van het inhurende bedrijf als het gaat om instructie en voorlichting.

Veiligheid en Gezondheid Checklist Uitzendorganisaties
Een VCU-audit uitgevoerd door een uitzendbureau is meestal erg teleurstellend. De teleurstelling zit in het feit dat de meeste intercedenten van uitzendbureaus hun uiterste best doen om risicoprofielen te maken, maar dat de uitkomst tegenvalt. De risico’s worden niet of niet helemaal in kaart gebracht. Of je na het volgen van een VIL-VCU cursus van een dag nu in staat bent om op veiligheidskundig niveau een risicoprofiel uit te voeren, is op zijn minst twijfelachtig.

In de VCU-norm 2011/05, maar overigens ook in alle voorgaande versies, staat in een van de minimumeisen dat het uitzendbureau op de hoogte moet zijn van de algemene risico’s die in bepaalde functies voorkomen en dat ze moeten weten welke beheersmaatregelen hierbij gebruikelijk zijn. Veel uitzendbureaus maken gebruik van de algemene risicoprofielen, die beschikbaar zijn gesteld door sectororganisaties. Dit is over het algemeen wel redelijk dichtgetimmerd. Bij VCU vraag 4.3 wordt het lastiger voor het uitzendbureau. Daar wordt namelijk het volgende gevraagd:

“Is de uitzendkracht op de hoogte van de specifieke functie-eisen, Veiligheids- en Gezondheidsrisico’s en de van toepassing zijnde VGM-regels van de inlener of sector/branche waar hij tewerkgesteld wordt?”

Bij deze voor de veiligheid belangrijke VCU-vraag gaat het vaak faliekant mis. Het commentaar van het uitzendbureau is dat de opdrachtgever deze informatie niet verschaft. Na een beetje doorvragen blijkt veelal dat deze informatie niet door de intercedent wordt gevraagd. Als ik bij uitzendbureaus op de aanvraagformulieren de werkomschrijving soms zie, stemt mij dit zeer droevig. De tariefstelling is uitgebreid aan bod gekomen, maar wat er van de uitzendkracht verwacht wordt is meestal beschreven in nietszeggende termen zoals ‘algemeen medewerker’ of ‘technisch medewerker’. Met een beetje geluk zijn op het aanvraagformulier nog net de PBM’s aangegeven, maar dan houdt het wel op.

Samenwerking
Bij VCA-gecertificeerde bedrijven moet van elke functie een functie-RI&E gemaakt zijn. Het lijkt mij een kleine moeite als deze functie-RI&E besproken wordt met het uitzendbureau. Op basis van deze criteria kan het uitzendbureau een betere match maken met de beschikbare uitzendkrachten. Het VCA-gecertificeerde bedrijf kan zo een uitzendkracht ontvangen die al redelijk op de hoogte is van de VGM-regels die gehanteerd worden. Dit is echter geen vrijbrief om als VCA-gecertificeerd bedrijf een uitzendkracht geen voorlichting te geven. In de VCA-norm staat expliciet vermeld dat uitzendkrachten ook aantoonbaar voorlichting en instructie moeten krijgen. En dat is niet voor niets. Want het aantal ongevallen waarbij uitzendkrachten zijn betrokken, is statistisch gezien erg hoog.

Bijlage: